Illustratie

Laatste Oordeel

Het Laatste Oordeel op de wand boven de hoofdingang is het werk van de Venetiaans-byzantijnse school van de twaalfde en dertiende eeuw.

Ondanks de ingrijpende restauraties blijft het een bijzonder belangrijk werk vanwege zijn grote afmeting en de complexiteit van zijn vormgeving.

De iconografie is gebaseerd op byzantijnse prototypes.

De voorstelling is onderverdeeld in vijf registers van toenemende hoogte met meer of minder bekende voorstellingen.

Al deze voorstellingen waren al eerder afzonderlijk behandeld, maar hier zijn zij voor het eerst in een indrukwekkende totaliteit geplaatst.

Het bovenste, letterlijk en figuurlijk het hoogste register, wordt beheerst door de traditionele voorstelling van de Anastasis, de afdaling van Christus in de hel en zijn wederopstanding uit de dood.

Illustratie

Die nedergedaald is ter helle

Het christelijke leerstuk volgens welk Christus na zijn dood afdaalde in de hel heeft geen duidelijk bijbels fundament, maar de idee was zeer aantrekkelijk voor de vroege Kerk. In de vierde eeuw, op het Concilie van Nicea van 325, werd het een van de twaalf geloofsartikelen: die nedergedaald is ter helle...

Het verhaal wordt voor het eerst in samenhangende vorm verteld in het apocriefe Evangelie volgens Nicodemus uit de jaren rond 200. Het wordt naverteld in de Legenda aurea, waarin we lezen hoe Christus de ijzeren deuren en grendels breekt en de eeuwige duisternis verlicht.

En Hij strekte zijn hand uit, nam Adam bij de rechterhand en sprak: vrede zij met u en met al uw kinderen, mijn rechtvaardigen. Aldus steeg onze Heer op uit de hel en alle heiligen volgden hem.

Adam is oud en heeft een grijze baard. Achter hem staat Eva met daarnaast twee gekroonde hoofden. Op de traditionele voorstellingen zijn deze twee figuren meestal Mozes en David. Er is al veel gespeculeerd over de identiteit van de twee gekroonde hoofden op deze voorstelling, maar het blijft gissen naar hun ware identiteit. Rechts van Christus staat Johannes de Doper met minder belangrijke gekroonde hoofden en patriarchen. De voorstelling wordt geflankeerd door de aartsengelen Michaël en Gabriël, die gekleed zijn als keizerlijke dignitarissen.

De vroege kerkvaders die zich met deze kwestie bezighielden, concludeerden dat dit alles zich niet afspeelde in de hel zelf, maar aan de rand ervan, het Voorgeborchte, het Limbo, van het Latijnse Limbus, zoom.

Op de troon was iemand gezeten

In het register daaronder troont Christus in een mandorla, met aan weerszijden Maria en Johannes de Doper, temidden van zijn apostelen en andere heiligen.Deze voorstelling is ontleend aan het oudtestamentische bijbelboek Daniël en aan het nieuwtestamentische boek de Openbaring van Johannes of Apocalyps.

In hoofdstuk 4,2-4 beschrijft de profeet Daniël het hemelse hof en de hemelse liturgie.

[...] En zie: er stond een troon in de hemel en op de troon was iemand gezeten. En die erop gezeten was, was van aanzien gelijk jaspissteen en karneool. En rond de troon was een regenboog, helder als smaragd.

In hoofdstuk 7 lezen wij 'een stroom van vuur welde op en vloeide voor hem uit'.

Illustratie

En de boeken werden geopend

In het register daaronder zien we de Etoimasia, op de lege troon ligt het geopende boek met daarachter de instrumenten van de Passie, met aan weerszijden - waarschijnlijk - de knielende Adam en Eva.

Rechts daarvan zien we de engel met het zegel van de levende God zoals Johannes beschrijft.

Het opmerkelijke van deze voorstelling is wel dat ook de dieren tot leven gewekt worden, evenals de drenkelingen die op zee zijn omgekomen. Nog curieuzer is dat de wilde dieren de slachtoffers die ze ooit verslonden hebben in de bek houden.

Johannes beschrijft het in zijn Apocalyps (Het laatste oordeel, 20,11-15) als volgt: Toen zag ik een grote witte troon, en Hem die daarop gezeten is. De aarde en de hemel vluchtten weg voor zijn aanschijn en hun plaats werd niet meer gevonden. En ik kon de doden, groot en klein, voor de troon zien staan. En de boeken werden geopend. Nog een boek werd geopend, het boek des levens. En de doden werden geoordeeld naar hun daden, zoals die in de boeken beschreven stonden. En de zee gaf haar doden terug en de onderwerelden gaven hun doden terug, en zij werden geoordeeld, eenieder naar zijn daden. Toen werden dood en onderwereld in de vuurpoel geworpen. Dit is de tweede dood, de poel van het vuur. En ieder wiens naam niet stond in het boek des levens, werd geworpen in de poel van het vuur.

Illustratie

Geredden en verdoemden

In het register eronder scheiden engelen de geredde zielen van de verdoemde; de aartsengel Michaël weegt de zielen op een balans.

Links van Michaël zien we de geredden in de hemel.Rechts stoppen twee duivels de zielen die te licht bevonden zijn in een soort tas.

Twee engelen jagen de verdoemden in de hel, een poel van vuur met in het midden de tronende Lucifer, die voortkomt uit de vuurstroom die ontspringt aan de voeten van de tronende Christus.

Lucifer, met de antichrist op zijn schoot, is gezeten op de Leviathan (de zeeslang volgens Jesaja).

Illustratie

De hellevoorstelling, in een of meer ruimten verdeeld, is een gegeven van byzantijnse oorsprong. De macabere voorstelling van de straffen van de verdoemden is een visualisering van de middeleeuwse opvatting dat iedere hoofdzonde op 'passende' wijze wordt bestraft.

Zeven duivels symboliseren de zeven hoofdzonden: hoogmoed, gierigheid, onkuisheid, gramschap, gulzigheid, nijd en traagheid.

De onkuisen en de hoogmoedigen worden in de vlammen gedreven. De gulzigaards zijn naakt en bijten hun handen, de woedenden worden ondergedompeld in koud water, wormen verslinden de oogkassen van de afgunstigen, de gierigaards worden onthoofd en de afgerukte schedels, handen en voeten zijn van de luiaards.

In de onderste fries ten slotte zien we de zittende figuur van Abraham die de zielen van de rechtvaardigen vasthoudt in een slap hangende doek tussen zijn beide handen.

Illustratie

Het beeld is ontleend aan de gelijkenis van De rijke man en de arme Lazarus uit Lucas 16:23 waarin de rijke vanuit de hel - hier de oude man rechts van de deur - Abraham ziet zitten met de arme man in diens schoot, in sinu ejus.

In sinu ejus

Sinus, kromming, is de afhangende, als zak gebruikte plooi aan de hals van een toga, maar het woord betekent ook schoot.

Naast Abraham staat de biddende Madonna. De boetvaardige misdadiger, die met Christus gekruisigd werd, en aan wie hij had beloofd dat hij hem mee zou nemen naar het paradijs, houdt het kruis vast. Petrus knielt voor de hemelpoort die bewaakt wordt door een cherub.

De Madonna in de lunet boven de hoofdingang dateert uit de dertiende eeuw.

vervolg naar Santa Fosca